Staafdiagram: groei van het woningaanbod in het derde kwartaal van 2026 in de tien grootste steden. Almere 16,4 procent, Breda 15,7 procent, Groningen 12,0 procent.
Woningmarkt

Woningmarkt per stad: de tien grootste steden in het derde kwartaal van 2026

In alle tien grootste steden groeide het aanbod in het derde kwartaal, in Almere en Breda twee keer zo hard als landelijk. Hier staan de cijfers per stad bij onze vooruitblik op het kwartaal.

Huisverklikker6 min leestijd

Dit is de naslag bij Woningmarkt derde kwartaal 2026: 1 op de 8 woningen in prijs verlaagd, onze vooruitblik op het derde kwartaal.

Wie de steden naast elkaar legt, vergelijkt twee soorten cijfers. Verkoopprijzen, overbieden en aantallen verkopen zijn van de NVM, over het tweede kwartaal en voor de regio rond de stad. Ook de krapte-indicator geldt voor die regio. Aanbod, vraagprijzen en prijsverlagingen zijn onze eigen metingen in de gemeente zelf, van 1 juli tot en met 30 september.

Aanbod en vraagprijs

Het aanbod groeide in alle tien de steden
Verandering van het bestaande aanbod tussen 1 juli en 30 september 2026, per gemeente
Bron: woningmarktkaart van Huisverklikker, eigen metingen van 1 juli t/m 30 september 2026.
In geen van de tien steden is het verschil groter dan de marge
Vraagprijs per m², verandering tussen 1 juli en 30 september 2026, bestaand aanbod, gecorrigeerd voor energielabel
Verandering95%-marge
Bron: woningmarktkaart van Huisverklikker, eigen metingen van 1 juli t/m 30 september 2026. De streep is de marge waarbinnen het verschil met 95 procent zekerheid ligt: het aanbod wisselt, en in de kleinere steden gaat het om enkele honderden woningen. Loopt de streep over de nul, dan is niet te zeggen of de vraagprijs steeg of daalde. Landelijk: 0,0%, marge 0,4 procentpunt.

In alle tien steden groeide het aanbod, in Almere en Breda twee keer zo hard als landelijk. Samen hadden de tien op 30 september 15.282 woningen te koop, inclusief nieuwbouw: een kwart van het landelijke aanbod.

Bij de vraagprijs per vierkante meter is in geen van de tien steden te zeggen of hij steeg of daalde. In Breda en Nijmegen is de daling het grootst, 1,7 en 1,5 procent, maar de marge is daar 2,5 tot ruim 3 procentpunt. Het gaat om een paar honderd woningen, en het aanbod wisselt.

Zo werkt de correctie voor energielabels
Het aanbod wisselt: zonder correctie stijgt het gemiddelde ook als geen enkele woning duurder wordt
1. Zuinige woningen vragen meer
+7% en +18%
vraagprijs per m² van een woning met label A en met A+ of beter, tegenover label C in dezelfde gemeente
2. Er kwamen er meer te koop
37,7% → 38,9%
aandeel van het aanbod met label A of beter, op 1 juli en op 30 september
3. Dat deel halen wij eraf
+0,1% → 0,0%
verandering van de gemiddelde vraagprijs per m² in Nederland, zonder en met correctie
Bron: woningmarktkaart van Huisverklikker, eigen metingen van 1 juli t/m 30 september 2026. Het prijsverschil tussen labels is niet het effect van het label zelf: zuinige woningen zijn vaak ook nieuwer.

De verandering is gecorrigeerd voor energielabels. Woningen met een zuinig label vragen meer per vierkante meter. Staan er aan het eind van het kwartaal meer van te koop dan aan het begin, dan stijgt het gemiddelde zonder dat één woning duurder werd. Dat deel halen wij eraf, zodat overblijft wat de vraagprijzen zelf deden.

Het prijsverschil tussen labels is niet het effect van het label zelf. Een woning met label A is vaak ook nieuwer dan een woning met label C. Voor de correctie maakt dat niet uit: het gaat erom dat een ander soort woningen te koop staat.

Aanbod, keus en vraagprijs in de tien grootste steden
Op volgorde van inwonertal
StadAanbodKeus nuPrijs per m²
Amsterdam+8,0%3,5−0,1% (±1,4)
Rotterdam+6,9%3,1+0,3% (±1,2)
Den Haag+8,8%3,20,0% (±1,4)
Utrecht+4,3%2,0+0,3% (±2,0)
Eindhoven+7,5%2,5−0,8% (±1,5)
Groningen+12,0%2,2−0,7% (±2,3)
Tilburg+3,9%2,5−0,5% (±2,3)
Almere+16,4%2,7+0,8% (±1,9)
Breda+15,7%2,3−1,7% (±2,5)
Nijmegen+7,4%2,5−1,5% (±3,2)
Nederland+7,6%2,70,0% (±0,4)
Aanbod en vraagprijs gelden voor de gemeente, de krapte-indicator voor de NVM-regio rond de stad. Te koop: beschikbare woningen inclusief nieuwbouw, zonder woningen onder bod; de verandering van het aanbod geldt voor bestaande woningen. Vraagprijs per m²: mediaan inclusief nieuwbouw; de verandering geldt voor het bestaande aanbod, is gecorrigeerd voor energielabel en heeft een marge van 95 procent erachter. Bronnen: eigen metingen Huisverklikker, 1 juli t/m 30 september 2026; NVM, regionale analyses.

Keus voor kopers

Meer keus dan een jaar geleden, het meest in Almere en Amsterdam
Krapte-indicator per regio rond de stad: beschikbare woningen gedeeld door verkopen per maand
NVM, derde kwartaal 2025NVM, eerste kwartaal 2026NVM, tweede kwartaal 2026Schatting derde kwartaal 2026 (Huisverklikker)
De lijn loopt van het derde kwartaal van 2025 naar het derde kwartaal van 2026. Het oranje punt is onze schatting: het NVM-cijfer van het tweede kwartaal, doorgetrokken met de groei van ons eigen aanbod sinds 1 juli. De NVM publiceert het derde kwartaal in oktober. Bronnen: NVM, regionale analyses; eigen metingen Huisverklikker, 1 juli t/m 30 september 2026.

De keus groeide het sterkst rond Almere en Amsterdam. Ook rond Rotterdam, Den Haag, Eindhoven en Nijmegen staan er op elke 100 verkopen per maand 50 tot 60 woningen meer te koop dan een jaar geleden. Rond Utrecht en Breda veranderde weinig.

Het cijfer voor het derde kwartaal is een schatting, en het geldt voor de regio rond de stad, niet voor de stad zelf.

Prijsverlagingen

In Den Haag werd ruim één op de zes woningen goedkoper
Aandeel van het aanbod op 30 september dat in het derde kwartaal minstens één keer werd verlaagd, per gemeente
Bron: eigen metingen Huisverklikker, 1 juli t/m 30 september 2026.

In Den Haag was op 30 september 18 procent van het aanbod in het kwartaal verlaagd, in Nijmegen 7,6 procent. Zuiver is die vergelijking niet: waar woningen snel verkocht worden, verdwijnen verlaagde woningen eerder uit het aanbod, en dan valt het aandeel lager uit.

Prijsverlagingen, overbieden en looptijd in de tien grootste steden
Op volgorde van inwonertal
StadAanbod verlaagdVerlagingAl te koop
Amsterdam15,9%5,7%25
Rotterdam15,4%4,9%29
Den Haag18,0%5,3%27
Utrecht10,8%6,2%18
Eindhoven13,8%4,5%34
Groningen10,0%6,2%20
Tilburg12,1%4,5%22
Almere12,2%4,5%27
Breda10,5%4,9%26
Nijmegen7,6%6,8%22
Nederland13,2%5,4%30
Verlagingen: alle vraagprijsverlagingen in het derde kwartaal, inclusief nieuwbouw en inclusief woningen die werden ingetrokken en goedkoper opnieuw aangeboden. Aanbod verlaagd: het aandeel van de woningen die op 30 september te koop stonden en in het kwartaal minstens één keer goedkoper werden. Dat is een ondergrens, en in steden waar snel wordt verkocht valt het lager uit, omdat verlaagde woningen daar eerder uit het aanbod verdwijnen. Al te koop: hoe lang de woningen die er nu staan al te koop staan; dat is geen verkooptijd, want snel verkochte woningen tellen niet meer mee. Overbod: gemiddeld boven de vraagprijs betaald in de NVM-regio rond de stad. Bronnen: eigen metingen Huisverklikker, 1 juli t/m 30 september 2026; NVM, regionale analyses tweede kwartaal 2026.

Overbieden

Er wordt minder overboden
Gemiddeld procent boven de laatste vraagprijs, per regio
tweede kwartaal 20252026, lager2026, hoger
Bron: NVM, regionale analyses tweede kwartaal 2026 (regio rond de stad).

Volgens de NVM boden kopers in het tweede kwartaal gemiddeld 4,6 procent boven de vraagprijs, tegen 5,7 procent een jaar eerder. Het sterkst daalde dat in de regio Eindhoven, van 4,4 naar 1,7 procent. De vraagprijs van het aanbod steeg er met 5 procent, de verkoopprijs bleef vrijwel gelijk: de vraagprijzen liepen op de verkoopprijzen vooruit. Alleen in de regio Groningen werd niet minder overboden.

Volgens de NVM werden in het tweede kwartaal 56.701 woningen te koop gezet, meer dan ooit, onder meer doordat beleggers voormalige huurwoningen verkopen.

Per stad

Amsterdam

Nergens hebben kopers zo veel keus: wij schatten de krapte-indicator in Groot-Amsterdam op 3,5, tegen 2,7 een jaar eerder. Amsterdam is ook de enige van de tien regio's waar de verkoopprijs in het tweede kwartaal lager lag dan een jaar eerder: 577.000 euro, 0,4 procent minder. In aantallen telden wij hier de meeste verlagingen, 1.062, met een middelste verlaging van 35.000 euro.

Den Haag

Hier is het grootste deel van het aanbod verlaagd: ruim één op de zes woningen die eind september te koop stonden, werd in het derde kwartaal goedkoper. De regio Den Haag is ook de enige waar in het tweede kwartaal minder woningen werden verkocht dan een jaar eerder.

Rotterdam

De verkoopprijs in Groot-Rijnmond steeg in het tweede kwartaal nog met 4 procent, tot 467.000 euro. Maar kopers boden er gemiddeld nog 3,1 procent boven de vraagprijs, tegen 4,0 procent een jaar eerder, en van het aanbod in de stad werd 15,4 procent in het kwartaal verlaagd.

Eindhoven

In geen regio daalde het overbieden zo hard, en nog maar zes op de tien woningen gingen boven de vraagprijs weg. De krapte-indicator liep op van 2,0 naar 2,5. De woningen die er nu te koop staan, staan er mediaan 34 dagen, langer dan in de andere negen steden, en ruim een kwart stond er al voor 1 juli.

Almere

Het aanbod in Flevoland groeide in een jaar met 32,5 procent, het meest van de tien regio's, en de krapte-indicator ging van 1,7 naar 2,7, de grootste stijging van de tien. Ook in het derde kwartaal kwam er in Almere het meeste bij: 16,4 procent. Toch werd er nog volop overboden: 84 procent van de woningen ging boven de vraagprijs weg.

Nijmegen

Hier is het kleinste deel van het aanbod verlaagd: 7,6 procent. De verlagingen die er zijn, zijn wel de grootste van de tien, met gemiddeld 6,8 procent. De verkoopprijs in de regio Arnhem/Nijmegen steeg met 5,1 procent. De keus voor kopers nam wel toe: de krapte-indicator ging van 1,9 naar 2,5.

Utrecht

De krapste markt van de tien: de krapte-indicator staat op 2,0, nauwelijks hoger dan een jaar eerder (1,8), en kopers boden in het voorjaar gemiddeld 8,1 procent boven de vraagprijs. De woningen die er te koop staan, staan er mediaan achttien dagen, het kortst van de tien.

Tilburg

Weinig veranderd. De krapte-indicator ging van 2,2 naar 2,5, en het aanbod in de stad groeide in het kwartaal met 3,9 procent, het minst van de tien. In de regio werden 13,7 procent meer woningen verkocht dan een jaar eerder, bij een prijsstijging van 5 procent, en het is de enige regio waar de verkooptijd korter werd.

Breda

In de regio West-Noord-Brabant werden 14,4 procent meer woningen verkocht, de sterkste groei van de tien, bij een prijsstijging van 1,5 procent. In de stad kwam er in het kwartaal 15,7 procent aanbod bij, en de vraagprijs per vierkante meter zakte er het hardst van de tien, met 1,7 procent. Bijna de helft van het aanbod in de gemeente is nieuwbouw.

Groningen

Na Utrecht de krapste van de tien, met een krapte-indicator van 2,2. De verkoopprijs in de regio steeg met 7,3 procent, het meest van de tien, en kopers boden er gemiddeld 9,7 procent boven de vraagprijs, evenveel als een jaar eerder. Van het aanbod werd 10,0 procent verlaagd; alleen in Nijmegen was dat minder.

Verantwoording

Twee soorten cijfers. Aanbod, vraagprijzen en prijsverlagingen zijn eigen metingen per gemeente, van 1 juli tot en met 30 september 2026. Verkoopprijzen, overbieden en de krapte-indicator zijn van de NVM en gelden voor de regio rond de stad; de krapte voor het derde kwartaal is onze schatting.

Kanttekeningen. Het aandeel verlaagd aanbod is een ondergrens en valt lager uit waar snel wordt verkocht. "Al te koop" is geen verkooptijd. De verandering van de vraagprijs per m² is gecorrigeerd voor energielabels (A+ of beter, A, B, C, D of lager) en heeft per stad een marge van 1,2 tot 3,2 procentpunt.

Bronnen. Eigen metingen Huisverklikker; NVM, regionale analyses van het derde kwartaal van 2025 tot en met het tweede kwartaal van 2026.

Wil je zien welke woningen echt in prijs dalen?

Bekijk de prijsdalingen